Ik wil jullie terugnemen in de tijd. We noteren voorjaar 2003, een op het oog een gewone doordeweekse dag in april.
Er was eens een moeder-eend die de taak had om 11 eieren uit te broeden. Het was een zware bevalling. Als eerste kwamen de hoofdjes van Renate en Inge door de eierschalen heen. Nieuwsgierig verkenden zij voor het eerst de boze buitenwereld. Op dezelfde dag volgden in een razend tempo Peppie, Cokkie, Mieke en de rest van de familie Wijk aan Zee. Alsof ze de vorige avond nog flink in de kroeg gezopen hadden, zaten de oogjes van de kuikentjes nog aandoenlijk half dicht. Echter, 1 ei bleef maar ongeopend. Het duurde bijna een volle week voordat dit ei uiteindelijk uitgebroed was. En daar was ze dan, nog slap en doorweekt, trotseerde zij het ochtendgloren. Haar trotse twee peetvaders noemden haar Judith. Haar zusjes keken wel een beetje vreemd op, want ze leek niet helemaal op een standaard eendje. Ook de peetvaders keken moeder-eend een beetje verwijtend aan. Ten opzichte van het jonge kroos wisten zij wel beter wat de oorzaak hiervan was en schopten moeder-eend de deur uit. Maar ze besloten Judith te accepteren zoals ze was.
Een paar weken ging het goed, totdat Kwik, Kwek, Kwak de puberfase naderden. Zoals elk ouder weet, kunnen kinderen hard en gemeen zijn. Zo ook in dit waargebeurde sprookje. Judith kreeg vele opmerkingen te verwerken. Schelden doet geen pijn, zegt men dan, maar toch: "Jij hoort hier niet", "Gooi die bal GVD is op het doel", "Jij mag niet met ons meespelen", "Ga maar wissel staan". En dan heb ik het niet eens over de grove spreekkoren langs de sloot. Zelfs de puppies van de familie Smit en Walstra dachten in de hiërarchie te kunnen opschuiven. Net als een apenkolonie waren ze haar aan het pesten, trokken haar aan de staart en mocht als laatste de overgebleven broodkruimels opeten. Haar eigen zussen lieten haar aan het lot over. De gemene oom Theo deed er nog een schepje bovenop door haar elke donderdagavond in het donker strafrondjes te laten lopen. Judith trok zich steeds meer alleen terug. Gelukkig was er aan het einde van de wedstrijd een troostende arm van de peetvaders. Wanneer deze wijze opper-eenden terugkwamen van de jacht, investeerden zij veel tijd in Judith.
De maanden gingen onveranderd voorbij, de winter viel en de zomer kwam. Ik zeg onveranderd, maar onopgemerkt veranderde er toch iets. Judith kwam erachter dat zij een aantal specifieke eigenschappen had. Natuurlijk, snel is ze niet, maar verdedigend stond ze als een huis en dwong ze steeds meer respect af bij haar inmiddels kleinere zusjes. Het enige wat ontbrak was dat ze, en wat niet onlogisch is naar aanleiding van het voorafgaande, te bescheiden in de aanval was. Judith cijferde zich telkens weg voor de veelvraten Essie en Maaikie.
Het is zondag 24 oktober 2004. En daar stond ze dan, zonder hulpmiddelen als een enkelsok, zalfjes en/of haarspeldjes. In de 15e minuut sloeg zij haar rechterwiek uit. Anderhalf jaar na dato is het lelijke eendje een prachtige zwaan geworden. Voor iedereen is het duidelijk, El Salvador is opgestaan. Zij zal WAZ 1 leiden naar het zaalkampioenschap 2004/2005!!!
WAZ 1 – ZSC 1: 15-10 (Esther 7, Sandra 3, Manon + Maaike 2, Judith 1).